Persbericht van de Coördinatie van mensen zonder papieren in België

 

Voor het eerst hebben wij “mensen zonder papieren” een uitgebreid kwalitatief onderzoek verricht omtrentde situatie van mensen zonder papieren in België.

In het kader van de gemeenteraadsverkiezingen van oktober 2018 stelt de Coördinatie van de mensen zonder papieren van België de bevindingen voor van de enquête en een lijst met aanbevelingen om onze levensomstandigheden op gemeentelijk niveau te verbeteren.

Hoewel veel bevoegdheden zich op andere machtsniveaus bevinden, is het gemeentelijke niveau ook degene met vele missies van gezagsdrager die voortvloeien uit andere machtsniveaus. En gezien de verkiezingsdeadlines, zijn onze eisen gericht op zeven problematieken die (althans gedeeltelijk) afhankelijk zijn van de gemeentelijke bevoegdheden ten einde de levensomstandigheden van mensen zonder papieren te verbeteren.

  1. GEZONDHEIDSZORG: Indien dringende medische hulp (DMH) een recht is, laat het onderzoek zien dat het à la carte wordt toegepast en weinig begrijpelijk is voor mensen zonder papieren. Daarom vragen we dat alle mensen zonder papieren de mogelijkheid krijgen om DMH-informatie te verkrijgen in de taal van hun land van herkomst of taal die ze het best beheersen. We vragen dat alle OCMW’s hun werkmethoden stroomlijnen met betrekking tot de DMH en dat de Medische Kaart veralgemeend wordt naar alle OCMW’s van het land. We vragen dat de toegang tot de DMH gekoppeld wordt aan de “status” van mensen zonder papieren en niet afhankelijk is van de ziektegraad (zoals een ziekenfonds) en dat de medische kaart automatisch hernieuwbaar is voor 6 maanden. Ten slotte vragen we dat alle voorgeschreven medicijnen ten laste worden genomen..
  2. VOEDSELVOORZIENING: Uit de enquête blijkt dat de overgrote meerderheid van mensen zonder papieren hun plan moeten trekken om zichzelf van voedsel te voorzien. De medische kaart (zie vorig punt) zou het mogelijk moeten maken om preventieve acties op het gebied van gezondheid te ontwikkelen. Ter aandenken, goede voeding is een van de bepalende factoren voor gezondheid. Toegang tot kwaliteitsvoedsel is daarom belangrijk voor de gezondheid. We vragen dat de medische kaart “automatisch” het recht opent om voedselpakketten te ontvangen (gefinancierd door voedselbanken) met voldoende voedingswaarde, of kwaliteitsmaaltijden tegen lage prijzen (zoals bij een Sociaal restaurant)
  3. HUISVESTING: Uit de enquête blijkt dat een grote meerderheid van migranten zonder papieren geen stabiele oplossing heeft voor huisvesting (logeren bij vrienden, bij huisjesmelkers, in kraakpanden of zelfs op straat). Hoe dan ook, deze situatie van huisvesting brengt ons in voortdurende onzekerheid, soms in gevaar. De ‘inname’ van lege panden door groepen migranten zonder papieren is altijd de laatste optie vóór de straat. De wet staat de vordering toe van gebouwen die onbewoonbaar zijn verklaard door de burgemeesters. We bevelen daarom aan dat we deze gebouwen terugvorderen en beschikbaar stellen om ons een betere levenszekerheid te bieden. Wij vragen om een voldoende lange bezettingsperiode te garanderen. We vragen ook dat elke gemeente een volume gevraagde huisvesting garandeert voor mensen zonder papieren volgens een verdeelsleutel tussen de gemeenten. Dit houdt in het bijhouden van een lijst met lege of verlaten gebouwen. Het is belangrijk dat de gemeenten doorgaan met het opsporen van huisjesmelkers die ons uitbuiten. We bevelen aan dat in het geval van sluiting van een gebouw als gevolg van verloedering of uitbuiting door huisjesmelkers, de gemeente tijdelijke huisvesting voor migranten zonder papieren voorstelt. En dat het OCMW een sociaal dossier aanmaakt om ons te helpen in geval van uitbuiting en ontvreemden van onze rechten, recht te hebben op ons de bescherming van de status van “slachtoffer”.
  4. SCHOOL VOOR ONZE KINDEREN: Het onderzoek wijst op alle moeilijkheden met het onderwijs wanneer huisvesting onstabiel is (zie vorig punt). De enquête stelt ook vast dat gezinnen van mensen zonder papieren de kosten van het schoolgeld niet kunnen dragen. Bovendien is er geen hulp en schoolondersteuning voor specifieke leerprogramma’s, maar kinderen (zonder papieren) hebben grote taalproblemen en soms problemen van psychologische aard gerelateerd aan de stress veroorzaakt door hun situatie. Bijgevolg bevestigen we de noodzaak om leerplicht boven de opsluitingswetgeving te stellen en bevelen we aan dat alle begonnen opleidingen niet kunnen worden onderbroken (geen uitzetting van schoolgaande kinderen), en dat scholing niet kan worden beëindigd (zelfs als je ouder bent dan 18). We stellen voor dat het schoolgeld ten laste word ten laste word genomen. Tot slot vragen we het OCMW steun de bieden met het schoolmateriaal; noodzakelijk om volwaardig te kunnen deelname aan schoolse activiteiten.
  5. WERK. Het paradoxale van de situatie van mensen zonder papieren is dat ze over een inkomen moeten beschikken zonder te mogen werken. Onze aanbeveling aan de gemeentes is dat ze bijdragen aan de bescherming van de werkende mensen zonder papieren door hen een attest van uitbuiting toe te kennen, als dat het geval is. Dit moet het mogelijk maken om twee juridische instrumenten te mobiliseren: 1) dat de persoon zonder papieren die klacht neerlegt wegens uitbuiting het statuut krijgt van “slachtoffer van mensenhandel”. En dat zij of hij dus beschermd wordt tijdens de procedure. 2) Dat de persoon zonder papieren eindelijk beroep kan doen op de omzetting in belgisch recht van de europese richtlijn “Sancties” (richtlijn 2009/52/EC). We stellen ook voor aan de gemeentes om de aanbevelingen van de Sociaal-Economische Raad van het Brussels Gewest van 16 juni 2016 op te volgen, over “economische migratie en het inzetten van werknemers van vreemde herkomst in het Brussels gewest” waarin erkend wordt dat “de arbeid van mensen zonder papieren (…) een reële bijdrage is aan het sociaal-economisch leven in Brussel” (p4). Tenslotte willen wij het recht hebben om als vrijwilliger te werken in vzw’s en gemeentelijke administraties, om aan te tonen dat we capaciteiten hebben en dat we ons willen integreren, dat we ons lokaal willen verankeren en deelnemen aan het Samenleven.
  6. DE TOEGANG TOT OPLEIDINGEN. De enquête maakt ook duidelijk dat we heel wat in onze mars hebben, zowel wat talenkennis betreft als beroepsopleiding, opgedaan in ons land van herkomst of in België. Blijkt ook dat we eens we geen wettig verblijf meer hebben, we geen toegang hebben tot beroepsopleiding, en dat onze diploma’s niet erkend worden. Een deel van de ondervraagden heeft verklaard dat ze hun beroepsopleiding hebben moeten onderbreken op het moment dat hun papieren niet meer in orde waren. En hoewel beroepsopleidingen een gewestelijke bevoegdheid zijn (Cocof, Franse Gemeenschap, Europees Sociaal Fonds), bevinden zich veel structuren op het gemeentelijke niveau. Daarom vragen we aan de plaatselijke verkozenen die vormingsinstellingen mee beheren, om gewestelijke en gemeenschapsinstanties aan te spreken op 1) de mogelijkheid om verworven competenties van mensen zonder papieren te waarderen door validatieproeven voor beroepskennis te organiseren, 2) de mogelijkheid diploma’s uit het land van herkomst te onderzoeken en gelijk te stellen met belgische diploma’s, 3) de mogelijkheid voor een mens zonder papieren om een beroepsopleiding te volgen, met name via de plaatselijke verenigingen voor sociaal-professionele integratie, 4) de mogelijkheid voor een mens zonder papieren om studies te hervatten, via een waardering van vroeger verworven kennis, aan belgische hogescholen of universiteiten.

    7. VEILIGHEID / RACISME. Wat veiligheid betreft onthult de enquête dat een grote meerderheid van de mensen zonder papieren zich onveilig voelt omdat ze geen papieren hebben (angst voor politiecontroles, angst voor arrestatie, angst voor opsluiting, angst voor uitzetting). Dit gevoel van onveiligheid is permanent. Wat racisme betreft geeft een deel van de ondervraagden toe dat ze vaker het slachtoffer zijn van institutioneel racisme (de staat, administraties, politie, OCMW) dan van racisme vanwege de belgische bevolking. En dus willen wij eraan herinneren dat de verantwoordelijkheid voor de veiligheid van de bevolking uiteindelijk bij de burgemeester berust, als chef van de politiezone, en dat gemeenteraadsleden deel uitmaken van de politieraad. Zij zijn dus bij machte om rekenschap te vragen, en zelfs op plaatselijk niveau het politiebeleid bij te sturen. Wat betreft de strijd tegen het institutioneel racisme willen wij dat er een informatiecampagne wordt opgezet over onze situatie als mensen zonder papieren, over de redenen waarom we in dit land zijn en over de strijd tegen alle mogelijke vormen van racisme.

Tenslotte roept de Coördinatie van mensen zonder papieren in België iedereen op die een politieke verantwoordelijkheid wil dragen (de kandidaten voor de gemeenteraadsverkiezingen) en alle burgers die het recht (en de plicht) hebben om zo goed mogelijke vertegenwoordigers te kiezen voor het bestuur van hun gemeente.

We vragen de kandidaten en toekomstige verkozenen om politieke moed. We vragen hen om duidelijke standpunten in te nemen vóór de punten die we hierboven hebben vermeld, en om hun politieke actie te richten op de regularisatie van de mensen zonder papieren in België.

We verwachten van de burgers (en met name de mensen die de “gastvrije gemeentes” ondersteunen) dat ze de kandidaten blijven ter verantwoording roepen op de punten die we vernoemd hebben, opdat er vooruitgang kan geboekt worden daar waar dat op gemeentelijk vlak mogelijk is.

Contacten:

Infos mail: besp@cfsasbl.be

oproep nummers van enkele vertegenwoordigers van de coördinatie van de mensen zonder papieren van België:

Serge: 0493 29 19 74 / Abel: 0465 77 72 24 / Modou: 0499 88 48 21

Download het persbericht

 

 

cet article est disponible aussi en/dit artikel is ook beschikbaar in het: Français (Frans)

Infos pratiques

Envoyez un mail à:
coordinationsanspapiersbruxelles à riseup.net

Ou par fessebouc:
facebook

Ou via les porte-paroles:
Serge 0493291974
Mamadou 0493995444

2014-2017 copyright sanspapiers.be